Fietsenvoor.nl, Le Reposoir, 19 juni 2010 om 11.00 uur, halverwege de Col de la Colombière in het suportershome.
Mijn mobiel trilt in mijn broek. Dat is altijd even een momentje, als dienstdoende arts. Is het nu gedaan met de ogenschijnlijke rust? Oh jee, als er maar niemand van de fiets gevallen is met die gladheid in dit hondenweer! Koud, regen en mist, veel erger kun je het niet treffen op 19 juni dacht ik zo. Een krakende stem, ik herken Rianne, één van de organisatoren van Fietsenvoor.nl en het meer dan sympathieke bedrijf “O, het leukste bureau”:
”Ha Casper, niet schrikken, maar ik wilde even melden dat Herber net de top heeft gehaald.”
Een glimlach trekt over mijn gezicht, ik voel een last van mijn schouders vallen. Gevoelens van trots en respect vechten om voorrang, terwijl kippenvel mijn huid overrompelt. Ik deel het nieuws met de anderen om mij heen en iedereen is blij en opgetogen. Hier bij de doorkomstplek cq startplaats van de beklimming van de Col de la Colombière staan we in de stromende regen en delen high fives uit. Dit is waar het in ons werk in de revalidatie uiteindelijk om gaat. Herber Burggraaf, 2 jaar na een ongeval waarbij hij een complete lage dwarslaesie opliep, heeft de Col de la Colombière beklommen op zijn handbike. Twee jaar nadat zijn leven in een oogwenk een dramatische wending nam, heeft hij zijn leven in al haar domeinen weer zo op orde, dat hij ruimte heeft om zijn grenzen te verleggen. En een sportprestatie te volbrengen. Een grootste prestatie, zeker onder deze omstandigheden.
Met Herber fietst nog een andere oud-revalidant van De Hoogstraat, Jetze Plat, de bevreesde Col van de 1e categorie uit de Tour de France op. Nou ja fietsen, deze supergemotiveerde jongeman vliegt welhaast drie keer de bult op in zijn supersonische handbike en zegt als ik hem vraag hoe het ging: “Goed man, net snelheidsrecord gehaald, 72 km/uur in de afdaling. Kicken!” “Laat je moeder het niet horen” brom ik.
De meeste fietsers strijken om 13.30 in het supportershome halverwege de berg neer om de WK voetbalwedstrijd Nederland – Japan te kijken. We nestelen ons voor de buis. Ik verbruik van de zenuwen bijkans net zoveel kilocalorieën als zij tijdens hun beklimming, dus het is ook nog ergens goed voor. De wedstrijd zelf is niet om aan te zien, Nederland wint wel knap. Als de scheidsrechter affluit, pakt iedereen tot mijn stomme verbazing zijn spullen en stapt weer op de fiets. In de stromende regen, met slecht zicht. Even vraag ik me af waar ik in beland ben. Een normaal mens pakt nu een biertje, eet een bitterbal en mompelt: ”Mooie gek die mij hier bij die kachel weg krijgt.” Maar niet deze helden. Er komen extra krachten vrij als je iets voor een ander doet. Want dat is het motto: iets voor een ander doen. Bijna veertig mensen doorstaan vrijwillig een helletocht om geld bij elkaar te fietsen voor het goede doel: aangepaste fietsen voor De Hoogstraat. En ik ga mee met de gekte: ‘Doc, ik heb last van mijn knie, wat zegt u ervan, kan ik nog een keer?’ “Weet niet, hoeveel krijg je voor nog een beklimming?” “Duizend euro”, “Fietsen met je donder! Die knie komt wel goed!”
Ik zie dames sexe-verschillen wegtrappen, ik zie dertigers hun jeugdigheid oppoetsen, ik zie een bijna zeventig jarige strijden met een elf jarig kereltje om de eer op de top. En ik zie vrijwilligers enthousiast koek-en-zopie rond delen op de beat van de immer swingende jaren zeventig disco. ‘Burn baby burn!’
Tijdens het diner ’s avonds is de lucht vol verhalen van de ontberingen. Maar bovenal vol verbondenheid, warmte en oprechte naastenliefde. Het klinkt zweverig, maar vandaag hebben een aantal mensen iets bijzonders gepresteerd voor naasten die het tijdelijk fysiek wat minder getroffen hebben. Dat geeft hen een goed gevoel, maar zeker ook mij als toeschouwer.
En minder zweverig is het aantal knoertharde euro’s: 55.000 in totaal. Daar kunnen we een aardig fietsje voor kopen!
‘Herber heeft de top gehaald’. Dat heeft ie zeker. Net als alle andere fietsers, vrijwilligers en het O-het leukste bureau.
Casper van Koppenhagen,
Arts De Hoogstraat